Klinisch toepassingsgebied:
Ferritine bestaat uit een ijzerkern omgeven door een eiwit. Grote hoeveelheden worden teruggevonden in levercellen en in het reticulo-endotheliaal systeem (RES) van lever, milt en beenmerg. Ferritine fungeert als de belangrijkste opslagplaats van ijzer in het lichaam. Het beschermt niet alleen tegen de toxische effecten van ijzerovermaat maar vormt ook een snel te mobiliseren reserve voor de erythropoiese. Ferritine wordt ook aangetroffen in plasma, waar het een goede weerspiegeling is van de ijzerreserve in het lichaam.
De normale serumconcentratie varieert naargelang leeftijd en geslacht. Een dieptepunt wordt bereikt op de leeftijd van 6 maanden. Stijging tot volwassen waarden treedt pas op na de puberteit. Bij mannen blijft de concentratie geleidelijk stijgen, bij vrouwen is er een plateau tijdens de vruchtbare leeftijd gevolgd door een scherpe stijging daarna. Een waarde lager dan 10 tot 15 ng/mL komt voor bij ongecompliceerd ijzergebrek. Waarden hoger dan 300 tot 400 ng/mL wijzen op ijzerovermaat, terwijl bij hemochromatose waarden van 1000 tot 5000 ng/mL worden teruggevonden.
Bepaling van serumferritine is belangrijk om ijzergebrek en –overmaat vast te stellen, en om verstoringen van het ijzerevenwicht beter te beheersen. De assay maakt het mogelijk om anemie door ijzergebrek te onderscheiden van andere oorzaken, en het verdwijnen van de ijzerreserves reeds aan te tonen vooraleer anemie optreedt. Opeenvolgende bepalingen laten toe om de eventuele uitputting van de ijzerreserves tijdens de zwangerschap en bij dialysebehandeling op te volgen. Anderzijds wordt de assay ook gebruikt om ijzerovermaat vast te stellen zoals bij precirrhotische hemochromatose, en om patiënten op te volgen die risico lopen op ijzerovermaat zoals bij regelmatige bloedtransfusies of inname van ijzersupplementen.
Hoewel ijzergebrek de enige oorzaak van een lage serumferritine waarde lijkt te zijn, zijn er voor een hoge serumferritine nog andere oorzaken dan een gestegen ijzerreserve aangetoond, zoals leverbeschadiging, inflammatie, leukemie, ziekte van Hodgkin en bepaalde andere maligniteiten. Hierbij zijn gestegen waarden het gevolg van de vrijstelling van ferritine door beschadigde levercellen, van gedaalde klaring uit het plasma, van synthese van ferritine door tumorcellen, of van een expansie van de ijzeropslag door een ineffectieve erythropoiese. Inflammatie verhoogt de productie van ferritine in het RES waarbij serumijzer wordt gebruikt. De relatie tussen serumferritine en de ijzerreserve is nog steeds aanwezig, maar wel met aangepaste, hogere referentiewaarden.
Verhoogde waarden:
- Sterk gestegen : ijzer overload (hemochromatose, bepaalde lever aandoeningen).
- Ondervoeding
- Inflammatoire ziekten (longinfecties, osteomyelitis, chronische urineweg infecties, rheumatoïde arthritis, SLE, brandwonden).
- Acute myeloblastische en lymphoblastische leukemie
- Ziekte van Hodgkin.
- Borst carcinoom.
Verlaagde waarden:
- Ijzer deficiëntie.
|